Versnelde verweringstesten: hoe werkt dat en wat heb je eraan?
In de reeks Test uitgelegd lichten we steeds één test toe: waarom je hem doet, hoe hij werkt en wat je met de uitkomst kunt. Dit keer: versnelde verweringstesten. Hoe goed is jouw product bestand tegen zonlicht?

Waarom doen we deze test?
Coatings en kunststoffen die bij gebruik aan zonlicht worden blootgesteld, degraderen op den duur. Dat noemen we verwering. Hoe snel die verwering optreedt, wordt bepaald door de kwaliteit van het materiaal. Maar hoe lang duurt het voordat jouw product gaat verkleuren of andere afwijkingen gaat vertonen?
Dat testen we met twee verweringstesten: de Xenon Arc-test en de QUV-test.

Wat kun je met het resultaat?
Het resultaat helpt je bij het inschatten van de verweringsbestendigheid en het kleurbehoud op langere termijn. Zo kun je de juiste keuzes maken bij het ontwerp en de oppervlaktebehandeling.
Let op: wat deze test níet zegt
- Geen vaste omrekenfactor. Er is géén vaste omrekenfactor van de testduur naar het aantal jaren gebruik.
- Niet alleen kleur. Verwering veroorzaakt soms niet alleen kleurverschil, maar ook mechanische schade.
Welke normen hanteren we?
Een norm is een internationaal vastgelegde werkwijze. Voor coatings wordt meestal ISO 16474 gebruikt, voor kunststoffen ISO 4892. Daarnaast zijn er normen die minder vaak worden toegepast, zoals ASTM G154, ASTM G155 en NEN-EN-IEC 60068-2-5, en diverse bedrijfsspecifieke normen.
- Xenon Arc-test op coatings. ISO 16474-2 beschrijft hoe de xenontest moet worden uitgevoerd en stelt eisen aan het onderhoud en de kalibratie van de apparatuur.
- QUV-test op coatings. ISO 16474-3 beschrijft hoe de QUV-test moet worden uitgevoerd en stelt eisen aan het onderhoud en de kalibratie van de apparatuur.
- Xenon Arc-test op kunststoffen. ISO 4892-2 beschrijft hoe de xenontest moet worden uitgevoerd en stelt eisen aan het onderhoud en de kalibratie van de apparatuur.
- QUV-test op kunststoffen. ISO 4892-3 beschrijft hoe de QUV-test moet worden uitgevoerd en stelt eisen aan het onderhoud en de kalibratie van de apparatuur.
Deze normen beschrijven hoe de blootstelling moet plaatsvinden, níet hoe de beoordeling moet plaatsvinden. Ook niet hoe lang de test moet duren of welke acceptatiecriteria je hanteert: dat hangt af van het gebruik en de verwachte levensduur. Wij adviseren je hier graag over.

Hoe voeren we de test uit?
Testsamples worden gedurende een vooraf afgestemde tijdsduur in een testkamer blootgesteld aan een cyclus van licht en eventueel vocht. Daarna wordt beoordeeld welke veranderingen er zijn opgetreden.
Testcondities: licht, periodieke blootstelling aan vocht en warmte.
- 1. Monstervoorbereiding. De te testen monsters worden gelabeld en eventueel in een houder gemonteerd.
- 2. Blootstelling. De monsters worden gedurende de vooraf afgestemde duur blootgesteld aan de testomgeving. Bij de QUV-test is dit meestal 8 uur licht en 4 uur watercondensatie (simulatie van dauw). Bij de xenontest is dit 102 minuten licht zonder vochtbelasting, afgewisseld met 18 minuten licht in combinatie met besproeiing met water (simulatie van regen).
- 3. Beoordeling. Na afloop van de test worden de samples voorzichtig met water afgespoeld, waarna ze kunnen worden beoordeeld.
De meest gemaakte fouten bij deze test
Het lijkt misschien eenvoudig: proefstukken in de kast en draaien maar. Toch gaat het vaak fout door gebrek aan kennis en ervaring.
- Verkeerde testduur of blootstellingsmethode. Bij het bepalen van de testduur en de testcondities moet rekening worden gehouden met de verwachte levensduur en de locatie (UV-index). Staat het product in de praktijk de hele dag buiten, of slechts gedurende een deel van de levensduur (denk aan een fiets of een grasmaaier)? Hierin worden vaak verkeerde keuzes gemaakt, met onjuiste conclusies tot gevolg. Zo doen wij het: op basis van specialistische kennis en ervaring berekenen we de juiste testduur.
- Gebruik van ongeschikt water. Bij de xenontest kunnen door de droog-natcyclus zouten en silicaten achterblijven. Gebruik je water dat niet voldoende vrij is van verontreiniging, dan ontstaan er vlekken die bij de beoordeling van kleur en glans tot een vals-negatief resultaat kunnen leiden. Zo doen wij het: bij M2LAB gebruiken we, zoals de norm voorschrijft, ultrapuur demiwater. Zo voorkomen we vlekvorming.
- Ontbreken van goede acceptatiecriteria. Een test uitvoeren zonder acceptatiecriteria is zinloos. Het is belangrijk om helder te formuleren aan welke eisen de coating na afronding van de test moet voldoen. Zo doen wij het: afhankelijk van het basismateriaal en de toepassing formuleren we bijpassende prestatie-eisen.

Hoe beoordelen we het resultaat?
Wat we bekijken: vrijwel altijd vindt een visuele beoordeling plaats, waarbij we noteren waar afwijkingen optreden en na hoeveel tijd.
Hoe: een visuele beoordeling kan simpelweg in woorden worden beschreven, maar ook formeel worden gekwantificeerd met behulp van standaarden. Voor kleurverschil is ISO 105-A02 een veelgebruikte standaard: daarbij wordt het kleurverschil aan de hand van een grijsschaal geclassificeerd. Daarnaast kunnen we met specifieke apparatuur kleur en glans meten. Zo wordt de mate van verandering in uiterlijk écht meetbaar.
Criteria: net als de testduur spreken we vooraf met de opdrachtgever af aan welke eisen na afronding van de test moet worden voldaan. Vaak gebeurt dat aan de hand van bedrijfsspecifieke normen of op basis van referentiemonsters.

Hoe weten we zeker dat de test klopt?
De omstandigheden in de kast moeten elke keer hetzelfde zijn, en de beoordeling moet, ook door verschillende laboranten, op dezelfde manier gebeuren. Daarom bewaken we het volgende.
- Kalibratie lichtsterkte. De kast meet de lichtsterkte continu met UV-sensoren en stuurt die bij. Deze sensoren worden elke 500 uur gekalibreerd met een ISO 17025-herleidbare referentiesensor.
- Controle demiwater. Het gebruikte ultrapure demiwater wordt wekelijks op kwaliteit gecontroleerd.
- Temperatuur. De temperatuur van de kast wordt automatisch geregeld en gelogd, zodat we indien nodig kunnen terugzoeken hoe de blootstelling is verlopen.
Kwaliteit die aantoonbaar is
M2LAB is geaccrediteerd volgens ISO/IEC 17025. Wat betekent dat? Een onafhankelijke instantie, in Nederland de Raad voor Accreditatie (RvA), heeft vastgesteld dat wij onze testen vakkundig, onpartijdig en herhaalbaar uitvoeren. Dat is geen eenmalig stempel: de RvA komt regelmatig terug om het opnieuw te beoordelen.
Het belangrijkste bewijs: ringonderzoek
Bij een ringonderzoek (round robin) krijgen meerdere laboratoria hetzelfde materiaal en voeren ze dezelfde test uit. Daarna worden de uitkomsten vergeleken. Wijkt onze uitkomst af, dan zoeken we uit waarom en passen we onze werkwijze aan. Zo is aantoonbaar dat onze resultaten overeenkomen met die van andere labs.
Wat we verder doen
- Kalibratie. Meetapparatuur vergelijken we regelmatig met ISO 17025-herleidbare referenties.
- Vaste werkwijze. Elke test volgt een vastgelegde, beproefde methode volgens de norm.
- Bevoegde mensen. Alleen aantoonbaar opgeleide medewerkers testen en beoordelen.
- Meetonzekerheid. We weten hoe nauwkeurig onze uitkomst is en houden daar rekening mee.
- Audits. We voeren interne audits uit. Fouten en klachten onderzoeken we tot op de oorzaak.
Voor jou betekent dit: een testrapport waarop je kunt bouwen, ook als er later discussie ontstaat.
Wil jij weten hoe goed jouw product bestand is tegen verwering?
We testen volgens de norm die bij jouw toepassing past, en leggen de uitkomst helder uit.
M2LAB onderzoekt de levensduur van gecoate producten: corrosie, zonlicht, chemicaliën, mechanische belasting en visueel uiterlijk.